Nieuws

17/02/2016

Aanleg Logistiek Park Moerdijk kan nog niet van start


De aanleg van het Logistiek Park Moerdijk (LPM) kan nog niet beginnen. Vandaag maakte de Raad van State bekend dat zij het besluit van Provinciale Staten tot vaststelling van het inpassingsplan heeft vernietigd.

Een inpassingsplan, zoals dat van LPM, mag voor een periode van tien jaar worden vastgesteld. In de Crisis- en herstelwet wordt een periode van twintig jaar mogelijk gemaakt. Provinciale Staten wilden van die mogelijkheid gebruik maken. Door een vormfout in de Crisis- en herstelwet blijkt dat volgens de Raad van State niet te kunnen. De provincie zal contact opnemen met het ministerie van Infrastructuur en Milieu om deze vormfout, waar naar nu blijkt meerdere investeringsvoorstellen in Nederland nadeel van ondervinden, op de kortst mogelijke termijn hersteld te zien krijgen. 

De Raad van State heeft ook bekend gemaakt de overige beroepen van vier bezwaar makende partijen tegen het inpassingsplan LPM te hebben afgewezen. 

Met de Havenstrategie Moerdijk 2030, waar LPM een belangrijk onderdeel van is, wil de provincie de economische structuur in (West-) Brabant versterken en een bijdrage leveren aan de werkgelegenheid in deze regio. Alleen al bij het LPM gaat het naar verwachting om zo’n 6.000 arbeidsplaatsen. LPM biedt ruimte aan aantrekken van grootschalige Value Added Logistics-bedrijven (VAL) die zich naast reguliere opslag en distributie ook richten op activiteiten die toegevoegde waarde opleveren. Inzet blijft om de havenstrategie onverminderd te realiseren, met evenwichtige aandacht voor people, planet en profit.

Ferdinand van den Oever, directeur van het Havenschap Moerdijk, is teleurgesteld in de uitkomst van de behandeling bij de Raad van State: "te meer omdat de enige reden dat het bestemmingsplan is vernietigd gelegen is in het feit dat er een vormfout is gemaakt in de Crisis- en herstelwet. Wij hopen dan ook dat het ministerie deze zo snel mogelijk zal herstellen en Provinciale Staten besluiten het bestemmingsplan zo spoedig mogelijk opnieuw vast te stellen. De belangrijkste zorg die we op dit moment hebben is op welke wijze wij de bedrijven waarmee wij nu in gesprek zijn voor vestiging op het LPM aan ons, dan wel aan de regio West-Brabant, kunnen blijven binden."


Vorige Volgende